Home » Blog » CDA en D66 voor tijdelijke regulering vrije huursector
Het tekort aan woningen leidt ook in de huursector tot flinke prijsstijgingen. De enige structurele oplossing hiervoor is het realiseren van veel meer nieuwbouw. De verwachting is echter dat de effecten hiervan pas na een aantal jaren merkbaar zullen zijn. Daarom wordt in de politiek regelmatig gesproken over maatregelen om de stijgingen van de huurprijzen in de vrije huursector tegen te gaan.

Rob van Gijzel heeft als voorzitter van de Samenwerkingstafel Middenhuur begin dit jaar voorgesteld als tijdelijke maatregel een ‘noodknop’ te introduceren, waarbij gemeenten de mogelijkheid krijgen om in samenspraak met lokale partijen de huurstijging te beperken. Daarbij was het voorstel de puntentelling van het woningwaarderingstelsel (WWS) tijdelijk op te rekken tot een huur van ca. 950 euro, dan wel deze te maximeren op de aanvangshuur.De NVM is kritisch
Marktpartijen, waaronder de NVM, hebben kritisch gereageerd omdat meer regulering op langere termijn vooral zal leiden tot nog minder aanbod. D66 en CDA hebben desondanks een motie ingediend, waarmee zij de regering verzoeken te onderzoeken welke maatregelen genomen kunnen worden om een tijdelijke rem te kunnen zetten op de huurprijsstijgingen.

In de motie stellen de indieners wel een aantal randvoorwaarden. Zij willen bijvoorbeeld niet dat de WWS-systematiek hiervoor wordt doorgetrokken (zoals Van Gijzel heeft voorgesteld) en vinden ook dat er oog moet zijn voor de kostenstructuur van de verhuurder, inclusief de grondprijs. Ook vragen zij de regering ervoor te zorgen dat de maatregelen niet te koste gaan van de bouw van middensegment huurwoningen op de langere termijn.

Minister
De minister staat zelf terughoudend het reguleren van de vrije huursector, maar staat wel open voor voorstellen vanuit gemeenten. In de Nationale Woonagenda is afgesproken dat het Rijk kaders zal formuleren om dergelijke verzoeken te beoordelen. Het uitgangspunt hierbij is dat de maatregelen toekomstbestendig moeten zijn. Daarmee wordt onder andere bedoeld dat de woningbouw er niet door gefrustreerd mag worden, dat de woningen geliberaliseerd blijven en dat de maatregelen altijd tijdelijk zijn.

In de Tweede Kamer gaf de minister ook aan dat het niet om een eenzijdig verzoek van de gemeente mag gaan, maar dat dit een door partijen gezamenlijk gedragen voorstel moet zijn. Kortom: er zijn nogal wat voorwaarden geformuleerd waaraan voldaan zal moeten worden voor er daadwerkelijk tot regulering overgegaan kan worden. De NVM blijft dit onderwerp kritisch volgen.

Bron: NVM